De waarheid vertellen
Eigenlijk moet je een verhaal van twee kanten horen. Helaas gebeurt dat niet altijd en ook ik maak me hier schuldig aan. Nog nooit heb ik iemand, waarover ik schreef, zelf aan het woord gelaten. Gelukkig ben ik nog weinig beticht van leugens en van te ruime fantasie. Dus kunnen we er van uitgaan dat ik tracht de waarheid te verkondigen en daar ben ik blij mee. Echter van de week hoorde en las ik een verhaal waarbij ik zelf van de tweede kant hoor. Of in beter Nederlands dat zit toch wel iets anders in elkaar dan ze deden voorkomen.
Nu is het nieuws nogal vluchtig en hoop ik dat jullie je dit nog kunnen herinneren. Het ging er namelijk om, “dat één derde van de politieagenten ook in de huiselijke sfeer worden bedreigd. Ook hun gezinsleden ontkomen hier soms niet aan.” Laat ik meteen duidelijk zijn dat van die gezinsleden en dan vooral de kinderen dat vind ik afschuwelijk. Maar dat sommige agenten bedreigd worden daar kan ik wel een voorstelling van maken. Dit is dan ook geen fantasie, maar een ervaring uit het verleden.
Dit gevoel kwam weer boven toen ik van de week op Facebook een foto tegenkwam van agenten die in het verleden ons politiebureau bemande. Eigenlijk moet ik bemenste schrijven, maar in die tijd had je nog geen vrouwelijke agenten. Dus kun je nagaan hoe lang het terug is, maar toen ik die ene agent zag leek het wel gisteren. De tijd heelt alle wonden zeggen ze altijd, nu bij mij niet want ik werd weer kwaad. Wist ik maar waar die zak nu woonde?
Toen hij hier nog agent was wist ik het precies. Hij woonde namelijk twee straten bij ons vandaan. Met als gevolg dat hij ook precies wist waar ik woonde. Helaas kwam ik pas achter zijn minnedaden toen hij al vertrokken was. Hij zal wel bevorderd zijn en een andere standplaats hebben gekregen. Al hoop ik: dat hij oneervol is ontslagen. Al zal dat niet om mijn geval zijn geweest. Want zoals ze toen werkten doen ze dat nu nog alleen met modernere middelen. Daar ben ik in 1967 achtergekomen.
Toen ze me namelijk wilden keuren voor militaire dienst. Ik had het vermoeden dat ze een generaal in me zagen, maar die kans werd me ontnomen. Je had namelijk ook een gesprek met één of andere pief uit het leger. Die had een map met papieren voor zich liggen en toen hij even werd weggeroepen kon ik de verleiding niet weerstaan om even in deze map te neuzen. En wat las ik daar tot mijn grote verbazing? “Kind van gescheiden ouders goed in de gaten houden,” en daaronder de naam van bewuste politieagent. Dat van generaal kon ik dus wel vergeten.
Maar nog erger vond ik: dat ik zeven jaar na dato hier op werd aangekeken. Het deed me denken aan het boek van Rinnes Rijke, wat ik ooit had gelezen: “Niet de schuld, wel de straf.” Als kind van een NSB vader zou hij ook wel niet deugen. Een boek wat veel indruk op mij heeft gemaakt. Ja, al heb ik het zelf niet meegemaakt, ook bij de politie zaten in de oorlog veel foute figuren. Dat van de NSB was natuurlijk erger dan de scheiding in mijn geval. Maar kinderen kun je natuurlijk nooit verantwoordelijk stellen voor de daden van hun ouders. Dus graag had ik deze agent nog eens ontmoet om hem dit duidelijk te maken.
Ondanks de scheiding ben ik wel door mijn moeder zo opgevoed dat zij ons heeft geleerd: ”dat geweld nooit een oplossing biedt.” Maar persoonlijk had ik hem dit graag willen zeggen. Tevens had ik hem dan misschien uit kunnen leggen waarom een agent in het verleden diender heette. Ze hadden namelijk een dienende taak, maar die zijn ze helemaal uit het oog verloren. Dus kan ik begrijpen dat sommige mensen overgaan tot het bedreigen van dit soort akelige politiemensen. Maar nu kan ik beter gaan stoppen, want voor je het weet heb je weer een bekeuring te pakken.
