Twee kleinzonen zijn te logeren en onwillekeurig zit ik mee te kijken naar het programma wat zij op de TV hebben ingeschakeld. Het is zo’n muziekzender en het door hun gebodene valt niet erg bij mij in de smaak. Een generatiekloof? Ik weet het niet, maar onwillekeurig dwalen mijn gedachten af.
Mijn gedachten beginnen met de kuifmees die ik net heb geschilderd. Vanwege zijn kuif noem ik dit vogeltje altijd Elvis en dan valt mij iets op. Mijn muzikale voorkeur, die loopt van Elvis tot de Beatles, Rolling Stones en alles wat er tussen zit, gaat de gepaard met veel haar. Door mijn moeder steevast, “herrie van lang harige apen,” genoemd. Ja, dit is zelfs doorgegaan tot de punkmuziek zij waren gesierd met grote hanenkammen.
Maar waar vroeger haar zat, daar is het nu allemaal verdwenen. De tegenwoordige beelden, van de muzikanten, laten namelijk niets aan duidelijkheid te wensen over. Het gaat er nu om wie in de meest pikante outfit zijn of haar liedje zingt. Rare vogels zie ik voorbij schieten.
Het lijkt me dus beter om me maar te gaan voorbereiden op een nieuw schilderonderwerp. En terwijl mijn gedachten nog steeds bezig zijn met muziek schiet me de naam van Edith Piaf, een Franse chansonnière, te binnen. Als bijnaam werd zij de mus genoemd en was mijn onderwerp daar. Ik ga al vast gronden en laat die twee vogels maar kijken.