Soms vallen de dingen precies in elkaar en laat dat nu ook bij mij gebeuren. De keren dat dit me gebeurt zijn namelijk op de vingers van één hand te tellen. Al veroorzaakt het ook wel wat verwarring in me. Ik had namelijk een heel andere inleiding bedacht namelijk de volgende.

Zelf ben ik een liefhebber van de schilder Jozef Israëls. Hij was van Joodse afkomst en een van de voornaamste Nederlandse schilders uit de Haagse School. Hij was niet alleen schilder, hij maakte ook etsen en lithografieën en schreef. Zijn schilderijen waren voorstellingen van eenvoudige mensen, vooral uit het vissersleven. Nu jullie zien het we hebben enige raakvlakken.

Ook ik ben Joodse afkomst, schrijf af en toe wel eens wat en schilder. Toevallig heb ik ook een paar strandtaferelen geschilderd en het laatste exemplaar kwam vorige week klaar. Niet van de kwaliteit van Israëls, maar ik blijf oefenen. Toch vind ik het wel frappant hoe ik tot dit onderwerp ben gekomen. Dat is me namelijk niet helemaal duidelijk, want een zwemmer ben ik niet (meer).

Trouwens wel geweest, maar dat is in een heel ver verleden. Het zwembad was toen nog gevestigd aan de Zuiderdijk. Velen zullen zich dit niet eens kunnen herinneren. Wel moest je je het zelf aanleren, want zwemles bestond toen nog niet. Toch had je de slag snel te pakken en het heen en terug zwemmen van de Spoorhaven was dan ook de eerste prestatie. Ja, en enige tijd later werd het Krabbersgat geklaard een niet geringe afstand. En dit alles zonder les.

Dus keek ik vanmorgen vreemd op toen er op de voorpagina van de krant stond: “Kind zwemt veel slechter.” Deskundigen, en daar hebben we er wat van in dit land, zeggen: “kinderen leren niet goed zwemmen. Hoewel het overgrote deel van hen wel zwemdiploma-A heeft, is de zwemvaardigheid in het geding.” Inmiddels hebben al mijn kleinzoons dit diploma behaald en natuurlijk zat ik als opa op de tribune. Nu gaat het er niet om dat het mijn kleinkinderen zijn, want het gaat ook op voor die andere kinderen die afzwommen. Ik vond dat ze erg veel moesten kennen en was blij dat dit in mijn jeugd niet van toepassing was. Maar hoe het nu precies zit daar kwam ik niet uit en daar kreeg ik ook de tijd niet voor.

De cheffin kwam namelijk op me afstormen met een grote pot pillen. Volgens deze alternatieve genezeres, “zouden deze pillen goed zijn voor mijn krakkemikkige lichaam. Het waren visolie pillen een zegen voor het lichaam,” zo werd me aan het einde van het consult nog te verstaan gegeven.” Bij een dokter durf ik nog wel eens nee, te zeggen. Maar nu hield ik wijselijk mij mond denkend aan die keer toen ik wel dit lef had.

Ook toen was er wat lichamelijk ongemak. Mevrouw mijn vrouw adviseerde me toen, “dat ik moest gaan zwemmen. Tevens heb je dan wat beweging zodat je wat kunt afvallen.” Waar ik het vandaan haalde weet ik niet, maar ik flapte er per ongeluk uit. Heb je wel eens een walvis gezien? Nu toen leek ik wel een vliegende vis en moest ik maken dat ik weg kwam. Maar het rare is nu, nadat ik enige pillen heb ingenomen. Nu krijg ik steeds een drang dat ik wil zwemmen. Waarschijnlijk een bijwerking van die visolie. Dus lijkt het me maar het beste, dat ik verder ga met schilderen van strand en zee. Dan kan ik die gevoelens misschien onderdrukken en valt alles mooi in elkaar.